De lensmeting (biometrie)
Voor de operatie wordt er een lensmeting bij u
gedaan door de optometrist of TOA (Technisch Oogheelkundig
Assistent).
Aan beide ogen wordt een aantal metingen
verricht om de sterkte van de implantlens zo goed mogelijk te
berekenen. De sterkte van de implantlens die tijdens de operatie in
het oog wordt geplaatst, is bepalend voor de brilsterkte die na de
operatie nodig is.
Het is een nauwkeurig onderzoek, maar toch
kunnen er soms afwijkingen in de metingen optreden, ook bij een
juist uitgevoerd onderzoek.
We kunnen geen garantie geven dat u na de
operatie scherp kunt zien zonder bril.
Indien u contactlenzen draagt, dan is het
belangrijk de volgende richtlijn in acht te nemen: contactlenzen op
de dag van de biometrie uitlaten. Vanwege de invloed van de
contactlenzen op het oog is het soms nodig de biometrie te herhalen
nadat de contactlenzen een aantal weken uit zijn. Dit bespreekt de
optometrist met u tijdens de biometrie.
Gezondheidsvragenlijst
U wordt gevraagd een gezondheidsvragenlijst in
te vullen. Deze lijst wordt met u doorgenomen door de optometrist
tijdens de lensmeting.
Verschillende implantlenzen
Wanneer u toe bent aan een staaroperatie heeft
u de keuze uit meerdere implantlenzen. Tijdens de staaroperatie
vervangt de oogarts de troebele lens door een heldere kunstlens,
die permanent op zijn plaats blijft zitten in het oog.
Op het gebied van kunstlenzen is de laatste
jaren een enorme technologische vooruitgang geboekt. De nieuwste
ontwikkelingen vormen de
multifocale implantlenzen.
In geval van staar is een standaard monofocale
implantlens ter vervanging van de natuurlijke ooglens voor iedereen
geschikt. De selectieprocedure voor de multifocale implantlenzen is
uitgebreider en lang niet iedereen is een perfecte kandidaat voor
deze lenzen. De optometrist zal dit ook met u bespreken tijdens de
biometrie.
Deze zal u na een standaard screening
adviseren of een uitgebreid vooronderzoek zinvol is.
De dag van de operatie
Het is in uw eigen belang om alle sieraden af
te doen en andere waardevolle spullen thuis te laten en geen
gebruik te maken van make-up en nagellak.
Houdt u er rekening mee dat u na de operatie
niet zelf naar huis kunt rijden.
Medicijngebruik
Het is belangrijk dat u uw medicatie inneemt
zoals gebruikelijk, tenzij anders vermeld door uw oogarts.
Patiënten die altijd oogdruppels gebruiken, bijvoorbeeld voor
glaucoom, krijgen van de oogarts extra instructies.
Voor de staaroperatie
In de ontvangstruimte van de operatiekamer
krijgt u ter voorbereiding een aantal oogdruppels toegediend in het
te opereren oog. Deze druppels zorgen tevens voor de verdoving.
Daarna krijgt u operatiekleding aan over uw eigen kleding; een
beschermjas, muts en slofjes.
In principe bestaat de verdoving uitsluitend
uit oogdruppels, maar soms vindt de oogarts het noodzakelijk om het
oog met een injectie achter het oog te verdoven. Deze injectie is
onaangenaam, maar daarna voelt u van de procedure niets meer.
U loopt onder begeleiding de operatiekamer
binnen en gaat op de operatiestoel liggen. Het oog en de huid
eromheen worden schoongemaakt met betadine jodium. Het gezicht en
de borst worden afgedekt met een steriele doek. Onder de doek wordt
zuurstof geblazen om te voorkomen dat u het benauwd krijgt. Er
wordt een gaatje in de doek gemaakt en er wordt een ooglidhouder
geplaatst om het oog open te houden. Dit kan even gevoelig
zijn.
De operatie
U moet in staat zijn om tijdens de operatie
stil en rustig te kunnen blijven liggen op een daarvoor bestemd
bed. Tijdens de operatie mag u niet plotseling bewegen, maar u kunt
gewoon met de oogarts praten en vertellen als er wat is. Moet u
hoesten of kuchen, vertelt u dat, dan kan de oogarts even wachten
met verder opereren. Tijdens de operatie kunt u niet goed zien met
het oog, maar het is mogelijk dat u licht en kleuren waarneemt. De
tijd op de operatiekamer is gemiddeld 15 tot 30 minuten.
De oogartsen in oogziekenhuis Zonnestraal
opereren met behulp van de modernste staaroperatieapparatuur en
-technieken.
Bij de zgn. “phacoemulsificatietechniek” wordt
aan de zijkant van het oog een zeer kleine opening (incisie)
gemaakt. Hierdoor wordt de oude lens verwijderd. Vervolgens wordt
de nieuwe lens in het oog geplaatst. Er is meestal geen hechting
nodig, het wondje herstelt vanzelf. Tot slot wordt uw oog afgedekt
met een zalfverband en oogkap.
Na de operatie
Na de operatie kunt u even op verhaal komen
met een kopje koffie.
U krijgt een medicijntasje met de juiste
druppels van onze verpleegkundige mee met een korte
druppelinstructie. Als u zich goed genoeg voelt en de
verpleegkundige u van alle informatie heeft voorzien mag u naar
huis. Het is aan te bevelen om thuis even een uurtje te gaan liggen
met de ogen gesloten. Dit bevordert de genezing.
Het zicht na de operatie kan erg variëren.
Soms is het aanvankelijk helder, om daarna wazig te worden en de
volgende dag weer op te helderen. Een branderig gevoel en/of
zandkorrelig gevoel zijn normale verschijnselen na de operatie.
Na de operatie kunt u niet zelf autorijden.
Door het verband op het geopereerde oog kunt u diepte en afstanden
tijdelijk niet inschatten. Wij verzoeken u dringend een begeleider
mee te nemen die u na de operatie naar huis kan brengen.
Weer thuis
Het geopereerde oog blijft een week na de
operatie kwetsbaar en het moet goed worden beschermd tegen wrijven
of stoten. U draagt daarom de eerste week na de operatie ’s nachts
een beschermkapje. Tevens moet u uw oog druppelen zoals het
druppelschema voorschrijft.
Wat niet te doen?
Het is verstandig dat u zich de eerste 2 weken
na de operatie beperkt tot de bezigheiden die niet teveel
lichamelijke inspanning kosten. Gaat u daarom niet zwaar tillen,
sporten of in de tuin werken. Gaat u de eerste week nog niet naar
de kapper.
U mag gerust
- Het oog gebruiken; bijvoorbeeld lezen, tv
kijken of handwerken
- Douchen, haren wassen, wees voorzichtig met
het gebruik van shampoo in het oog.
- Buiten wandelen
- Fietsen
Autorijden mag alleen in overleg met uw
oogarts
Controle
U hoeft na een normaal verlopen staaroperatie
niet de dag na de operatie op controle te komen. Echter, houdt u er
rekening mee dat de oogarts u de volgende dag terug wil zien.
De chirurg zal dit na de operatie kenbaar
maken. Het is dus van belang dat u in uw agenda hiermee rekening
houdt. Zorgt u ervoor dat u hiervoor vervoer geregeld heeft.
Drie weken na de operatie komt u voor de
eindcontrole bij de optometrist. Tijdens de eindcontrole wordt
bekeken of het oog hersteld is en of u een afspraak kunt maken met
uw opticien.
Nieuwe bril
De brilsterkte verandert nog tijdens de
herstelperiode; dit is de reden waarom pas na ongeveer 4 weken na
de operatie door de opticien een nieuw brillenglas aangepast kan
worden. De opticien zal bepalen of de sterkte stabiel is.
Houd u er rekening mee dat u na een staaroperatie, wanneer u in de
verte scherp ziet, toch een leesbril nodig kunt hebben.
De eigen ooglens kan zich, afhankelijk van uw
leeftijd, aanpassen aan de afstand. Een kunstlens kan dit niet. Ook
het omgekeerde kan voorkomen: u ziet dichtbij scherp, maar om ver
weg scherp te zien heeft u een bril nodig. En tenslotte kan het
voorkomen dat u zowel voor in de verte als voor dichtbij een bril
nodig heeft.
Er bestaat een mogelijkheid om een lens te
implanteren die de ogen corrigeren voor veraf en nabij. Tijdens de
lensmeting zal de optometrist u vertellen over deze
bijzondere implantlenzen.
Wanneer neemt u contact op met oogziekenhuis Zonnestraal?
Oogziekenhuis Zonnestraal is 24 uur per dag
bereikbaar voor nazorg als er problemen optreden. Mocht er
onverwachts iets gebeuren, neemt u dan contact met ons ziekenhuis
op. Dit geldt met name bij toenemende misselijkheid, roodheid, pijn
en vermindering van het gezichtsvermogen.
Soms traant het oog wat meer en voelt het
alsof er een zandkorreltje in zit: dit is normaal, u hoeft dan niet
te bellen.
Oogziekenhuis Zonnestraal is 24 uur per dag
bereikbaar op 08 88 77 77 77.
Ook als u toch ongerust bent, schroom dan niet
om contact met ons op te nemen.
Mogelijke complicaties
Bij meer dan 90% van de patiënten wordt het
gezichtsvermogen duidelijk beter na een staaroperatie. Als er
sprake is van afwijkingen aan het hoornvlies, netvlies of oogzenuw,
kan het resultaat minder gunstig zijn. Evenals bij andere operaties
kunnen er in een enkel geval complicaties optreden bij de verdoving
of tijdens of na de operatie. Deze kunnen soms zo ernstig zijn dat
het gezichtsvermogen kan dalen. Dergelijke ernstige complicaties
treden gelukkig zelden op. Na een staaroperatie kan het gebeuren
dat het lenskapsel geleidelijk, na enkele maanden tot jaren troebel
wordt, waardoor u weer minder scherp gaat zien. Dit heet nastaar.
Met een laserbehandeling is dit zo nodig poliklinisch te
verhelpen.
Vragen?
Heeft u na het lezen van deze informatie
toch nog vragen over de staaroperatie? Dan kunt u contact opnemen
met Oogziekenhuis Zonnestraal, telefoon 08 88 77 77 77.