[oz] (Bron: Vaktijdschrift de Opticien, augustus 2010)
Klik hier om het volledige
artikel te downloaden

Oogziekenhuis Zonnestraal is in 2004 opgericht op initiatief van
Peter de
Koning en oogarts Dhr. Lopes Cardozo. Met slechts vier personen
– één
oogarts (Drs. Lopes Cardozo), zakelijk directeur (Peter de
Koning), een optometrist en secretaresse – zetten zij op landgoed
De Zonnestraal in Hilversum de eerste stappen voor de zelfstandige
kliniek. Slechts zes jaar later kent de kliniek zeven vestigingen
in heel Nederland en 160 medewerkers. De samenwerking met de
zelfstandige opticien vormt een van de (succes) factoren van
Oogziekenhuis Zonnestraal. De redactie van ‘De Opticien’ sprak
daarom met oprichter en oogarts Drs. Lopes Cardozo over de functie
van Oogziekenhuis Zonnestraal in de oogheelkunde en de samenwerking
met de zelfstandige
opticien. Samenwerking tussen opticien en Oogziekenhuis
Zonnestraal leidt tot optimale en efficiënte oogzorg.
In zes jaar tijd is Oogziekenhuis Zonnestraal uitgegroeid
tot zeven
vestigingen in heel Nederland, waar wordt de kliniek door
gedreven?
“We zijn de afgelopen jaren inderdaad flink
uitgebreid. De kliniek wordt dan ook gedreven door verschillende
aspecten. We hadden bij de oprichting duidelijk voor ogen om
verzekerde zorg uit te voeren en
geen refractiechirurgie. Om verzekerde zorg uit te voeren moesten
we
een redelijk marktaandeel bemachtigen in de oogzorg, zodat we
een
partij vormen voor de verzekeraars om mee te onderhandelen. Dit
kan
alleen door onze kliniek verder uit te breiden.”
“Ten tweede hebben we bij de start besloten om ons te richten
op
de vier grote diagnoses: Cataract, Macula degeneratie, Glaucoom
en
Diabetische retinopathie. Wanneer je deze vier diagnoses goed
uitvoert,
dan kan je 80% van de oogheelkundepatiënten behandelen. De
overige
20% verwezen wij door. Dit beleid hebben we volgehouden tot
2007.
En vanaf 2007 zijn we het pakket gaan uitbreiden door meer
behandelingen aan te bieden, zoals bijvoorbeeld netvlies-chirurgie,
glaucoomchirurgie, kinderoogheelkunde en ooglid-chirurgie. Deze
uitbreiding was alleen mogelijk doordat wij ons vanaf het begin af
aan hebben gericht op innovatie. Een belangrijke drijfveer van
Oogziekenhuis Zonnestraal. Niet alleen medisch technisch gezien,
maar ook organisatorisch.”
“Direct vanaf de start zijn we bijvoorbeeld begonnen om ons
eigen
software-programma te ontwikkelen voor de patiëntengegevens.
In
reguliere ziekenhuizen wordt nog veel met papierendossiers
gewerkt
waar lang niet alle informatie op te vinden is. Bovendien is de
automatisering in reguliere ziekenhuizen vaak versnipperd. De
software is niet gekoppeld met elkaar, waardoor een arts wel in
vijf verschillende
systemen moet inloggen. Het enige wat er nog centraal is op te
vragen
is de papieren status - wat kwijt kan raken, onleesbaar en niet
volledig
kan zijn. Oogziekenhuis Zonnestraal heeft vanaf het begin de
datacollectie rond de patiënt gebouwd. Het medisch dossier, de NAW
gegevens, alle beeldvorming die we opdoen rondom de patiënt worden
om de cliënt heen gegroepeerd. Bij het inloggen komen direct alle
gegevens te voorschijn. Dit is een totaal andere werkwijze, wat ons
veel rendement heeft opgeleverd en de kwaliteit van de zorg heeft
verbeterd. In mijn spreekuur kan ik immers direct over alle
relevante informatie beschikken.”

Nu vormt de samenwerking met de opticien ook een belangrijk
speerpunt van Oogziekenhuis Zonnestraal, hoe gaat dit in zijn
werk?
“Wat we inderdaad ook direct zijn gestart is de
nauwe samenwerking
met de opticien, omdat de oogheelkunde geen eerstelijns zorg
kent.
Daarnaast vormt Oogheelkunde slechts een klein aspect van het
portfolio van de huistarts. Zijn expertise hierin is redelijk
beperkt. Dit heeft als gevolg dat huisartsen patiënten vrij snel
doorverwijzen naar de oogarts. Het gevolg daarvan is dat de
oogheelkunde overlopen wordt door zaken die eigenlijk in de
eerstelijns oogzorg hadden moeten worden opgelost. Doordat de
oogheelkunde hierdoor veel eerstelijns oogzorg op zich neemt, komt
men nauwelijks toe aan de tweedelijns zaken. Dit betekent dat
bepaalde vaardigheden bij oogartsen verloren gaan. De oogarts moet
meer problemen doorverwijzen, omdat hij er simpelweg niet meer aan
toe komt.”
“Bovendien zit het spreekuur in reguliere ziekenhuizen zo vol
met niet ernstige zaken, dat patiënten met ernstige kwalen aanlopen
tegen
lange wachttijden. Zeker in 2004 kon het een jaar duren voordat
een
patiënt geopereerd kon worden aan staar. Dit wilden wij
voorkomen.
De patiënten van Oogziekenhuis Zonnestraal moeten eerst naar de
opticien voor visus, refractie en druk. Dit betekent dat alle
refractieproblematiek als het ware blijft ‘hangen’ bij de opticien.
Dit geeft ons lucht en ruimte om ons werk uit te voeren: het
behandelen van zieke ogen.”
“Ik had vanuit mijn vorige werkkring al contact met opticiens en
had met eigen ogen gezien wat voor een ongelofelijke verbetering
deze samenwerking oplevert voor de praktijk. We kunnen de klant nu
veel
beter bedienen.”
Aan welke kwaliteitseisen moet de opticien voldoen om een
partner
te worden van Oogziekenhuis Zonnestraal?
“We werken samen
met opticiens die het belangrijk vinden om hun
service richting de klant te verbeteren. Wat wij vragen van
onze
partneropticiens is of ze willen meedenken met ons over
nieuwe
behandelconcepten en of ze willen na- en bijscholen. We betalen
de
opticiens niet, maar wat wij bieden is een samenwerking die
gebaseerd
is op het elkaar professioneel verbeteren. Dat doen wij
bijvoorbeeld
door opticiens bij ons in de kliniek te laten meelopen. Maar we
organiseren ook regelmatig thema-avonden, waarbij we elkaar over en
weer van informatie voorzien. Oogziekenhuis Zonnestraal bevindt
zich niet in het vaarwater van de opticien. Contactlenzen en het
voorschrijven van een bril, daar doen wij niet aan. Maar als er
nieuwe innovaties zijn op het gebied van contactlenzen of
multifocale glazen, dan willen we daar graag over bijgepraat
worden. Dit laten we onze partner-opticiens doen. Wij willen graag
op de hoogte zijn van nieuwe ontwikkelingen binnen de optiek. Wij
op onze beurt praten de opticien bij over nieuwe behandelmethode,
nieuwe diagnostiek etc. Op deze manier houden we elkaar scherp en
blijft de informatie naar de klant toe up-to-date.”
Betreft het hier alleen de zelfstandige
opticien?
“Onze partneropticiens zijn voornamelijk
zelfstandigen. Dat komt omdat de ketens over het algemeen
vastzitten aan een marketingconcept en omdat bij de ketens nogal
wat wisseling bestaat in de manier van werken. Je hebt optiekzaken
binnen een keten waar prima refractie
plaatsvindt. Waar we in principe prima mee zouden kunnen
samenwerken. Maar er bevinden zich in diezelfde keten ook zaken
waar de kwaliteit te wensen overlaat. Ga je een samenwerking aan
met een
keten, dan geldt dit voor de gehele keten. Het probleem is dat wij
kwaliteitsverschillen zien binnen die keten. Franchisers en
zelfstandige
opticiens kunnen echter op individuele basis beoordeeld
worden.”
Moet er een optometrist werkzaam zijn bij de opticien waar
jullie mee
samenwerken?
“Nee, maar omdat een optometrist
BIG-geregistreerd is, zien wij de aanwezigheid van een optometrist
wel als een pré. Door de BIG-registratie kunnen we met een
optometrist patiëntendata uitwisselen
en feedback geven. Dat is bij een gewone opticien wat lastiger,
omdat deze niet geregistreerd is. We zijn er echter op gespitst om
de communicatie met onze partneropticiens heel goed te houden.
Omdat we merken dat deze uitwisseling van informatie de interne
processen versterkt. Langzamerhand hebben we een goede basis
opgebouwd met opticiens en weten we wat we aan elkaar hebben.
Wanneer een opticien aangeeft dat een patiënt cataract onder de
leden heeft, dan wordt de patiënt direct naar de cataractafdeling
doorverwezen. Deze voorselectie is zeer belangrijk.”

Hoe zou u het belang van de samenwerking tussen de opticien
en
Oogziekenhuis Zonnestraal in een paar woorden
omschrijven?
“De selectie die de opticien maakt is zeer
belangrijk. Omdat wij als Oogziekenhuis Zonnestraal op deze manier
lucht houden in onze organisatie om de mensen met zieke ogen te
behandelen. In de basis zijn wij niet geïnteresseerd in mensen met
niet zieke ogen. Door de selectie die de opticien maakt raken onze
kanalen niet verstopt en kunnen wij ons bezig houden met ‘zieke
ogen’."
Hoeveel procent van de patiënten komt via de opticien naar
Oogziekenhuis Zonnestraal?
“Ongeveer 80 procent. De
overige 20 procent is verwezen door de
huisarts. Wij moedigen de huisartsen bovendien aan om contact met
een vaste opticien te zoeken voor samenwerking. De huisarts heeft
immers geen spleetlamp staan. Alleen al het hebben van een
spleetlamp maakt dat je beter kunt kijken en dat je beter een
selectie kunt maken. Technische mogelijkheden maken het immers
mogelijk om gerichter te selecteren. Zeker een optometrist - die
steeds vaker bij de opticien werkzaam is - kan zeer goed naar een
oog kijken. Ik ben er een voorstander van als optometristen de
eerstelijns oogzorg zouden mogen uitvoeren. Dat zou ik een
geweldige ontwikkeling vinden.
Oogartsen kunnen zich dan richten op het tweedelijns oogwerk.
Ik denk dat we met Oogziekenhuis Zonnestraal hebben laten zien
dat
deze methode zou werken.” [/oz]